Geschiedenis

Eten om de oorlog te overleven

Het gaat niet goed met de wereld. Hongersnood in Afrika. Oorlog in Syrië en elders. Mensen op de vlucht.

Wij hebben het ook meegemaakt. In 1914 waren er miljoenen Belgen op de vlucht, vooral naar Nederland, Frankrijk en Engeland. Overal in de wereld, zelfs op de Filippijnen, werden solidariteitsacties georganiseerd om geld en levensmiddelen in te zamelen voor onze hongerige kindjes in poor little Belgium. De meeste landgenoten keerden terug, maar de schaarste aan voedingsmiddelen was in 1917 schrijnend. De Boerenwacht moest verhinderen dat vee en veldvruchten werden gestolen.

Met beperkte middelen en veel creativiteit konden onze voorouders hun rantsoen aanvullen met zelf geteelde groentes en zelf gekweekt kleinvee. Planten die waren gedegradeerd tot onkruid werden weer gebruikt, evenals vergeten vruchten zoals beukennootjes, waarvan olie werd gewonnen. Parken en plantsoenen werden volkstuintjes. Cichorei verving koffie. Afval was er bijna niet meer en als er was diende het om het varken vet te mesten. Nu ja vet… En ondertussen maar hopen dat het niet door de moffen werd opgeëist.

Over het hamsteren en de vindingrijkheid van onze voorouders, over het belang van boer en tuinder, over de woekerprijzen en de voedselverdeling, en over veel meer heeft Brecht Demasure jarenlang verrassende getuigenissen bij elkaar gesprokkeld. Hij heeft die verzameld in twee rijk geïllustreerde boeken, uitgegeven door het Davidsfonds. Hij is verbonden aan het Leuvense Centrum Agrarische Geschiedenis en geldt als een autoriteit op dit gebied.

Je kan hem aan het woord horen in de Altenakapel op 11 mei 2017 om 20.00 uur. Zoals de lezingen over spionne Margriet Ballegeer en die van Pieter Serrien – beide ook georganiseerd door de Gemeentelijke Erfgoedraad – is de toegang gratis, maar je moet wel vooraf een zitje reserveren bij de Cultuurdienst! (fh)

Opportunisme om de oorlog te overleven

De Tweede Wereldoorlog ligt nog verser in het geheugen dan de Eerste. De Kontichse Antwerpenaar Jeroen Olyslaegers heeft daar een roman over geschreven.

Hij heeft perfect de geest beschreven die ook in onze gemeente leefde: het schipperen tussen deelnemen aan het verzet en de collaboratie. Lafheid. Sommige burgers waren wit, sommigen zwart, maar de meesten waren grijs. Ze konden niet altijd de eer van hun volk of vaderland hoog houden, zij moesten ook rekening houden met de veiligheid van hun familie, met hun eigen hachje.

Tweezakkerij noemt de auteur dat. Verpersoonlijkt door de hoofdfiguur Wilfried Wils, hulpagent bij de Antwerpse politie, speelbal in de handen van Nijdig Baardje, handlanger van de bezetter. Hij is ook bevriend met zijn collega en zwager Lode die in het verzet zit.

De roman werd unaniem lovend onthaald: de pers sprak van Het verdriet van Antwerpen en vergeleek de stijl met die van Louis Paul Boon. Maar wees gewaarschuwd: de lectuur laat een onbehaaglijke indruk na. Je vraagt je af: Wat zou ik gedaan hebben toen en in die omstandigheden?

Op woensdag 11 oktober om 20 uur kan je hem in zaal Capo in Hove bezig horen, waar hij samen met Kris Van Steenberge in gesprek gaat met Vannesa Broes. (fh)

Vier brouwershuizen in Waarloos?

In een vorige aflevering schreven we over het tweede brouwershuis van Waarloos. Behalve café het Brouwershuis zou er nog een brouwershuis langs de Grote Steenweg gestaan hebben dat behoorde bij Sint-Michaël, de latere brouwerij Maes.

De Inventaris van het cultuurbezit in België – Architectuur situeerde het op nummer 98, beter bekend als de hoeve Vingerhoets of Hoeve Terbeek. Wij geloofden dit betrouwbare naslagwerk klakkeloos, maar ook competente onderzoekers blijken zich te vergissen! Dat bleek uit de kritiek van een groepje echte Waarlozenaars, waaronder de eigenaars van de hoeve en gemeenteraadslid Peter Lambrechts. Zij werden daarin gesteund door Luk Du Mont die het archief van Kontich en Waarloos beheert.

Het (verdwenen) brouwershuis van de familie Maes

Hoeve Vingerhoets of Hoeve Terbeek

Wel blijken de hoeve en het (verdwenen) brouwershuis van de familie Maes – dat zo’n honderd meter verder in de richting van Kontich stond – opvallend op elkaar te gelijken.

Een verklaring is misschien te vinden in de lijsten van eigenaars van beide panden: zo komt de naam Van Noyen in elke lijst voor. Mogelijk was het dezelfde familie en heeft ze dezelfde architect/aannemer aangesproken?

Maar de verrassing wordt nog groter: achter het kerkhof staat nog een derde woning met nagenoeg dezelfde architecturale trekken!

Hopelijk komen er nog nieuwe gegevens boven water waardoor duidelijk wordt waarom er drie gelijkende herenhuizen in Waarloos stonden. Wordt dus misschien nog vervolgd…(fh)


Tekst: Frank Hellemans. Foto's: Kring voor Heemkunde.
Uit Kontich Waarloos Hier en Nu, april 2017.


Zoeken in onze website


Created: 12/05/2017 © 2003-2017 - MuseumKontich - Alle rechten voorbehouden