aHET MUSEUM VOOR
aHEEM- EN OUDHEIDKUNDE
aSTELT VOOR ...


De laatste "Gartcevik"

We hebben de grote Geschiedenis van Kontich van Robert Van Passen, maar voor de kleine geschiedenis van begin vorige eeuw vallen we graag terug op de schriftjes en mapjes van zijn vader Joseph (1892-1967). Zijn herinneringen, opgetekend in de jaren 1960, geven een pittoresk beeld van het leven in ons dorp van vóór de Groote Oorlog.

Vóór het jaar 1900 had Kontich nog een “Gartcevik”. Kapitein ervan was vader De Winter, brouwer en olieslager, en luitenant was Ach. Huybrechts, brouwer en maalder.

De manschappen, gewapend met een mispelaar, deden op sommige tijdstippen, in “patrouille” van twee man, hun nachtronde in de gehuchten. Iedere patrouille die zich eerbiedigde mocht onderweg niet in een herberg sluipen, maar mocht ook geen baanstropers of dieven ontmoeten. Als ze na de dienst in het lokaal terugkeerde, moest ze altijd op het rapport kunnen zeggen, dat overal alles rustig was.

 

Boutersem of Hof van Spruyt, vóór WO I

 

De Beukendreef met portierswoning

Op een ijzige winteravond zaten de kapitein en zijn luitenant in het lokaal, bij den Blekke – nu de herberg Oud Contich – te wachten tot al de mannen terug binnen waren. Verkleumd van de kou keerde de laatste patrouille terug van Keizershoek en Oever. Een van de twee mannen was Baard Riga, die toezichter was op het Hof van Spruyt, en de portierswoning bewoonde binnen de poort, langs de kant van de Dreef. Met zijn strenge apostelbaard was hij de schrik van de kinderen die in de dreef speelden.

Nu stond hij daar onbeholpen, en het was al goed dat zijn oversten hem met een straffe borrel trakteerden om hem terug tot het leven te roepen. Uit een vierkante fles werd een hel-rode likeur Deymann geschonken. Sterk gealcoholiseerd verwarmde ze ogenblikkelijk.

 

De Mechelsesteenweg met herberg Oud Contich (links, zie pijl)

Het was 12 uur geworden en de oversten wensten goede nacht en keerden huiswaarts. Maar Baard Riga bleef nog. Hij beweerde niet in het warm te geraken en bleef doorborrelen.

De volgende morgen om half negen stond luitenant Ach. Huybrechts op de Varkensmarkt, waar de bierwagens geladen werden, vóór de poort van de brouwerij. Opeens kwam uit de Kleine steenweg een Bediening. De koster met zijn kleppende bel (geen rinkelende) en zijn lantaarn draaide de Duivenstraat in.

In die tijd was een Bediening een gebeurtenis in het dorp.

 

Brouwerij Huybrechts, Varkensmarkt

Waar ze voorbijkwam, ging elk deurke open en de bewoners kwamen op het voetpad knielen, prevelden een gebed en sloegen een kruisteken. Als men zag welke straat de Bediening insloeg, wist iedereen voor wie het was en aan wat hij stervend was. Dit werd dan van deur tot deur toegefluisterd: “Baard Riga wordt bediend, hij heeft deze nacht een bloedspuwing gekregen!”.

Als meneer Huybrechts dat hoorde kon hij het maar niet geloven: “Maar ik ben te nacht nog met hem samen geweest”, zei hij verbaasd. Weinige ogenblikken later keerde de Bediening op haar stappen terug uit de Duivenstraat. Dokter Humblé die toen reeds van het Hof van Spruyt terugkwam, laste de Bediening af en zei dat zijn patiënt niet ziek was, maar… een Deymann-spuwing had gehad.

Enige weken later werden de “oefeningen” van de Kontichse gartcevik afgeschaft…

Woordverklaring:

Gartcevik: garde civique (burgerwacht) was een Belgische militie opgericht door de verschillende burgerwachten samen te voegen die in 1830 waren ontstaan naar aanleiding van de rellen op 25 augustus (na de opvoering van De Stomme van Portici in de Brusselse Muntschouwburg) tegen de ‘bezetting’ van ons land door de Nederlanders. Aanvankelijk werden alle mannelijke inwoners van 20 tot 55 jaar ingeschreven. De mannen uit bemiddelde gezinnen die wegens geldige reden geen lid van de garde civique dienden te worden, moesten 2 frank aan de gemeente betalen.

Door het gevoel van veiligheid dat de Rijkswacht verschafte taande de populariteit van dit burgerlegertje (zelden gewapend met geweer, meestal met lans of stok). De Burgerwacht is in functie gebleven tot bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. Ondertussen werd er ook een veldwachter aangenomen, wat later uitgroeide tot een heus politiecorps.
 

In 1894 waren o.m. Ach. Huybrechts en J. de Winter al kapiteins. Beiden waren brouwers – die zoals overal elders meestal tot de notabelen gerekend werden. De eerste bezat de grootste brouwerij (annex kuiperij, maalderij, diamantslijperij en melkerij) gelegen aan het Sint-Jansplein, de Varkensmarkt en de Magdalenastraat, waar nu cultuurpunt Sint-Jan een stuk van inneemt. Achiel overleed in januari 1924 op 66-jarige leeftijd. Het complex werd verkocht en gedeeltelijk afgebroken om het Sint-Jansplein te vergroten in 1925.

Brouwerij "De Reep"

De Winter was brouwer van De Reep, gelegen langs de Mechelsesteenweg op de hoek aan de kapel en de Reepkenslei. Ze behoorde samen met de brouwerij van Hannicq in de Molenstraat en De Valk aan de Antwerpse steenweg (nu gemeentehuis) tot de kleinere brouwerijen; De Sleutel in de Sleutelstraat was de tweede grootste. Jef de Winter werd 62 jaar en overleed op 2-3-1924.

Mispelaar: stok van mispelhout.

In Oud Kontich: herberg – deel van de vroegere De Kroon, Mechelsesteenweg 114 (in een laag, ouderwets huis, bijna aan de hoek met de Kruisschanslei), afgebroken in 1971.

   
   

Hof van Spruyt - Boutersem in verval

Het Hof van Spruyt was de populaire naam voor het kasteel Boutersem, opgetrokken in de 18e eeuw op de plaats van een middeleeuws versterkt hof, gelegen op een ‘motte’ omringd door grachten. Tussen de twee wereldoorlogen vervallen en gesloopt (zie onze website:

http://users.telenet.be/guido.theys/Sprokkels/Bautersem.htm en

http://users.telenet.be/guido.theys/KWvroegerennu/BoutersemofHofvanSpruyt.htm.)

Deymann: kruidenbitter, gedistilleerd in Charleroi.

Kleine steenweg: nu Magdalenastraat.

Bediening: berechting, het sacrament van de ziekenzalving, eventueel ook de laatste biecht en communie (“de laatste sacramenten”).

Tekst: Frank Hellemans; foto's: Koninklijke Kring voor Heemkunde Kontich.

HOME

Updated: 18/11/2013
© 2003 - MuseumKontich - Alle rechten voorbehouden