aHET MUSEUM VOOR
aHEEM- EN OUDHEIDKUNDE
aSTELT VOOR ...

 

Rest and be Thankful

Het is des mensen om dingen, plaatsen, personen en nog zo veel meer te benoemen. Een naam geven is een ernstige zaak. Want eens een naam gegeven, blijft die naam aan het benoemde kleven.  Dus toch even nadenken voor je eraan begint. Boekjes met voornamen zijn trouwens in bij aanstaande ouders. Net zoals het geheimzinnig doen tijdens de zwangerschap.

En als namen heel oud zijn, vergeten we soms wat ze betekenen. Of zelfs waar ze vandaan komen. En dan bouwen we daar hele theorieën rond. Denk maar aan de naam van ons eigen dorp.

Of we passen ze aan eigen inzichten en modes aan. Een naam zoals Frédérique klinkt lekker Frans en ziet er zo ook uit. Het is echter een pure verfransing van het Germaanse Friedrich, rijk aan vrede. Joris of Georges komt uit het Grieks Γιωργιος en betekent gewoonweg boer.

En soms zijn namen zo vreemd dat we even stilstaan en ons afvragen: wie heeft dit bedacht? En waarom? Zo kom je in de Antwerpsesteenweg niet zo heel ver van elkaar twee huizen tegen met een merkwaardige naam. Op nummer 63 vind je de villa Houthulst en op nummer 69 de villa Rest and Be Thankful. In de villa Houthulst woonde ooit Abraham Hans en het huis is genoemd naar een van zijn werken, Het woud van Houthulst, maar daarover zullen we later wel eens berichten.

 

De grootste villa van de twee heeft de wel heel bevreemdende Engelse naam Rest and Be Thankful. Het huis werd in 1906 gebouwd in Engelse cottagestijl. Het ontwerp was van Ernest Stordiau, een architect met naam en faam. De opdrachtgever was de heer Paul Roelofs.

In onze vaderlandse geschiedenis heeft dit huis een bescheiden rolletje mogen spelen. Op 9 oktober 1914 ondertekenden hier de Antwerpse gemeenteraadsleden Jan De Vos, Louis Franck en Alphonse Ryckmans de overgave van de stad Antwerpen.

De tafel en de stoelen waaraan dit gebeurde, zijn nu bezit van de heemkundige kring en bevinden zich in het Documentatiecentrum aan de Duivenstraat. We hopen u daarover in de herdenkingsjaren 2014-2018 verder te kunnen berichten. En misschien ook de verklaring te geven, waarom net die villa in Kontich werd gekozen. Zou de aannemer van de werken, J.C. Franck, familie zijn geweest van Louis Franck? Of is dit puur toeval?

In dit bestek willen we ons echter richten op de toch wel merkwaardige naam van dit huis. Burgerhuizen krijgen slechts in mindere mate een naam. Villa’s dan weer wel. En vaak is de fantasie ver te zoeken. Namen zoals Stella Maris, Mon désir, Zeebries, Reigersnest of Bosrust zijn schering en inslag. Maar Rest and Be Thankful? Een vrome, haast religieuze wens: rust wat uit en wees dankbaar! Het is eerder een motto dan een naam. En dat is al vreemd. En bovendien is het in het Engels. De bouwstijl van het huis, een soortement Engelse cottage, laat al vermoeden dat de bouwheer misschien wel anglofiel was.  Maar waarom moet je uitrusten? En dankbaar zijn?

Het vervolg van het verhaal is niet gebaseerd op feiten, maar op mondelinge overlevering. En toch hebben wij niet echt twijfels aan de waarheid van de feiten. En die mogelijke feiten zijn dat bouwheer Paul Roelofs op een reis door Schotland een bergpas over moest. En je mag eenmaal raden hoe die bergpas heet. Juist. Rest and Be Thankful. Gezien de schoonheid van dat plekje moet Paul Roelofs gedacht hebben dat dit een uitstekende naam voor zijn optrekje zou zijn. Al kun je nauwelijks beweren dat Kontich aan een bergpas ligt!



We wenden onze blik even naar Schotland. Tijdens mijn vakantiereis vanuit Oban naar Loch Lomond en Glasgow kwam ik nietsvermoedend voorbij het bewuste plaatsje, waardoor mijn nieuwsgierigheid nog meer gewekt was. Wie komt er nu op de idee om een plaats Rest and Be Thankful te noemen?

 

Het verhaal zit zo. Om de opstandige Schotten (Jacobites) beter onder de knoet te kunnen houden, bouwde de Britse regering in de helft van de achttiende eeuw verschillende militaire wegen. Deze wegen zijn nu zelfs vaak nog aangegeven als Old Military Roads, ga gerust een kijkje nemen op maps google. Op sommige plaatsen liepen die wegen door een bergachtige streek. Zo ook in de zogenaamde Arrochar Alps. Deze bergachtige streek ligt ten noorden van het bekende Loch Lomond.

In 1753 sloten de soldaten twee wegen op elkaar aan via een bergpas (262 m) en ze plaatsten daar een steen met de tekst Rest and Be Thankful. Waarschijnlijk blij dat ze het karwei geklaard hadden. En dat op een mooie plaats met uitzicht op de omringende bergen (de meeste ca. 1000 m) en het dal met Loch Restil. Maar voor de reizigers evenzeer een plaats om uit te rusten na de steile klim vanuit Glen Croe.

Die steen is er nu nog. Maar de tekst is moeilijk leesbaar. Moderne borden geven meer uitleg bij deze bijzondere plaatsnaam. Men spreekt nu ook van Drovers’ Road, de weg van de veedrijvers. En dat sluit dan weer mooi aan bij het verhaal dat een buschauffeur mij daar ter plaatse vertelde. Volgens hem is de naam in eerste instantie door herders gegeven die blij waren dat ze met hun schapen dit hoogste punt hadden bereikt.

   

Eigenlijk maakt het niet zoveel uit wat nu de juiste versie is, want waarschijnlijk hebben de twee verhalen elkaar bevrucht en hebben de militairen misschien enkel in steen uitgedrukt wat de plaatselijke bevolking allang in de volksmond zo had benoemd. En dat is eigenlijk de meest logische manier waarop vroeger toponiemen (plaatsnamen) ontstonden.

In de eerste helft van de twintigste eeuw werd de weg naar Rest and Be Thankful ook nog gebruikt als een soort test- en praalweg voor de trotse bezitters van een auto. Je kon er tonen dat je een chique auto had, maar tevens eens uitproberen hoe goed het ding bergop reed.

De weg is nu een klein beetje verlegd, maar Rest and Be Thankful is ook nu nog een mooie uitkijkplaats over twee dalen. Meer ook niet. Er is geen bewoning en behalve een soort restauratiewagen (met lekkere caffė macchiato, want het was te vroeg voor een whisky!) en een picknickplaats valt er niet veel te beleven. Je kunt er inderdaad even uitrusten en dankbaar zijn voor de mooie omgeving. En dan je tocht voortzetten.



Bijvoorbeeld zoals onze vroegere dorpsgenoot Paul Roelofs die de naam heeft genoteerd en aan zijn prachtige villa heeft gegeven. Dat net in die villa dan de overgave van Antwerpen zou worden getekend, een rustpunt in de oorlog waardoor een menselijk drama in Antwerpen werd vermeden, dat kon de eigenaar natuurlijk niet bevroeden.

Tekst: Paul Catteeuw, Kring voor Heemkunde Kontich; foto's: internet.
Uit het Informatieblad van de gemeente Kontich, september 2013

HOME
Created: 24/11/2013
© 2003 - MuseumKontich - Alle rechten voorbehouden